Op 30 januari presenteerden D66, VVD en CDA het coalitieakkoord van het minderheidskabinet-Jetten: “Aan de slag”. Een historisch moment, want voor een dergelijk kabinet moeten we terug naar voor de Tweede Wereldoorlog. De presentatie in perscentrum Nieuwspoort ademde opluchting. Rob Jetten kondigde trots aan: '93 dagen na de verkiezingen is het gelukt!'
Ook Yeşilgöz en Bontenbal straalden positiviteit uit, de chemie is goed, we zijn klaar voor de klus. En ja, die stemming was prettig. Eindelijk wat stabiliteit na het gekissebis onder Schoof. Een ambitieus pakket aan maatregelen. Maar is dat genoeg?
Wat mij betreft niet. Een minderheidskabinet is geen gewoon kabinet. De lat ligt hoger.
Je hebt geen meerderheid, dus je moet anderen overtuigen van noodzaak om ze mee te krijgen.
Deze presentatie beoogde een aantal doelen te bereiken:
- de plannen openbaar maken,
- verantwoording afleggen aan kiezers, en
- vooral politieke en publieke steun verkrijgen.
Aan dat laatste ontbrak het meteen. GroenLinks, SP en PVV reageerden ronduit negatief. Veel kiezers voelden zich niet erkend. Had de presentatie de toon kunnen zetten? Absoluut.
Maar daarvoor moet je mensen raken, en dat gebeurde niet.
Waar ging het mis?
Aan het begin van je betoog wil je dat mensen instappen op een Waarheid: dat je een belangrijk sentiment benoemt waar mensen zich in herkennen.
Jetten begon met de vaststelling dat de kiezer vond dat de politiek vastzat, en dat die toe was aan een frisse start en stabiliteit na het onrustige kabinet Schoof. Maar dat is slechts een deel van het sentiment, want de kiezer is vooral met iets anders bezig; die maakt zich zorgen over de toekomst. W
e leven in alarmerende tijden: oorlog aan de rand van Europa, een Amerikaanse president die alle verhoudingen overhoop gooit, het klimaat dat achteruitholt, migratiestromen, een economische crisis in aantocht, mensen halen noodpakketten in huis.
Er is écht iets aan de hand. En daarom is het zo belangrijk dat er nu een kabinet komt dat die onzekerheid erkent en zich daarop voorbereidt. Die urgentie ontbrak.
'Aan de slag' – de titel van het akkoord – is te algemeen. De subtitel ‘Bouwen aan een beter Nederland' had je tien jaar geleden ook kunnen zeggen. Geen gevoel van: dit moment vraagt iets bijzonders van ons. Een betere titel was misschien geweest: ‘Een basis voor een betere toekomst’ of ‘Voorbereid op onzekere tijden’.
Juist nu had het kabinet kunnen zeggen: dit is geen business as usual. Bijzondere omstandigheden vragen bijzondere maatregelen. Dit is een minderheidskabinet omdat de tijden daarom vragen. We nemen een risico, en we vragen andere partijen om mee te doen. En als zij dat niet doen, dragen zij verantwoordelijkheid als het misgaat.
In plaats daarvan was de presentatie abstract en optimistisch: wij hebben gezellig met elkaar gesproken en we gaan aan het werk. En dat laat de kiezer achter met vragen en gevoelens van onvrede.
Neem dan de speech van de Canadese premier Mark Carney in Davos
Hij begint met een concreet beeld van een winkelier in de tijd van het communisme, die een misleidend bord bij zijn raam weghaalt en zo laat zien dat het systeem niet deugt. Carney gebruikt dat beeld om te zeggen: het is nu tijd dat bedrijven en landen dat weer gaan doen. Carney geeft een scherpe analyse van de situatie in de wereld. Wereldmachten die tegen elkaar opboksen, de verleiding om ons hieraan aan te passen om gedoe te voorkomen. Dat kan niet meer. Maar muren optrekken werkt ook niet.
Hij biedt een alternatief: een coalitie van gelijkgestemden die wisselende samenwerkingen aangaat, maar wel zelf militair en economisch sterk genoeg moet zijn. Aansprekend en visionair.
[Zie deze analyse van onze David van der Meulen op LinkedIn.]
Zo visionair als Carney had Jetten het niet hoeven maken.
De communicatie over een coalitieakkoord is heel lastig en wordt natuurlijk beperkt door drie partijen (links, rechts en midden) met verschillende belangen en invalshoeken. Maar hij had wél de urgentie kunnen
onderstrepen. Want nu vraagt de kiezer zich af: zien ze die urgentie überhaupt? Of is het gewoon een
kwestie van hup, gezellig doorpakken? Dat is niet genoeg voor een minderheidskabinet.
Met de presentatie van dit akkoord hadden de partijen een belangrijke paal kunnen slaan. Door deze kans te late lopen, dreigt dit kabinet van het begin af aan zowel de politieke als de publieke steun mis te lopen. En dan zou dit – wat mij betreft niet onwelkome - experiment een kort leven beschoren zijn.